Indonesië – het land van 3 geloven

Lodi Planting Reizen (Backpacker/Digital Nomad) 0 Comments

We schrijven deze blog op de vooravond van ons langverwachte en gehoopte boottrip met als uiteindelijke bestemming Flores. Onderweg zullen we echter op acht andere eilanden aanleggen om de kleurrijke vissen en wonderschone koralen al snorkelend te aanschouwen. Dit staat ons echter nog allemaal te wachten en mogen jullie dus in een volgende blog lezen.

Onze rust in Indonesië
Deze blog gaat over ons eerste deel in het prachtige Indonesië: het achtste land, Hong Kong inbegrepen, wat we aandoen in vijf maanden tijd. We hebben de kaap van 150 dagen overleefd en genieten volop van de leuke en minder leuke momenten die we al hebben meegemaakt. Gelukkig voor ons zijn er absoluut meer leuke momenten dan andersom onder andere dankzij het zeer indrukwekkende Indonesië. Na vier maanden in de razendsnel tempo te hebben gereisd, besloten we het om rustiger aan te doen en waar kunnen we dat beter doen dan op een van de 18000 eilanden van Indonesië?

Indonesië: het land van drie geloven
Na een vlucht van bijna tien uur, inclusief tussenstop in Kuala Lampur, kwamen we op de luchthaven van Medan aan. We werden daar, zoals afgesproken, opgewacht door Irna die we via Couchsurfing hadden leren kennen. We zouden daar twee nachten verblijven. Dit bleek niet helemaal zo te zijn. Tijdens het chatten met Irna hadden we aangegeven dat we graag Idul Fitri (suikerfeest op 19 augustus) mee zouden vieren. Maar doordat Irna Christen is had ze haar Moslim vriendin Suci gevraagd of we daar niet konden slapen en Idul Fitri mee mochten vieren. We hadden geen warmer welkom kunnen wensen. Suci en haar familie waren ongelofelijk gastvrij, vrijgevig en geinteresseerd in ons Westerlingen. Het was echt prachtig om het met hen te mogen vieren.

Medan door de ogen van een local
De oprechte vriendelijkheid stopte echter nog niet bij het twee keer blijven slapen en het meevieren van Idul Fitri. De dag erna reden we van sightseeing plek naar sightseeing plek in Medan telkens met bijbehorende uitleg. Echt superlief en interessant om zoveel over Medan te weten te komen. Hier vind je trouwens nog veel Nederlandse invloeden.

Bukit Lawang: de mooiste ochtend in mijn leven
De volgende dag werden we door Suci op de juiste bus naar Bukit Lawang gezet. Bukit Lawang is de plek om Oerang Oetans in het wild te zien en dat hebben we! Met een jungle trekking van twee dagen hebben we meer wilde Oerang Oetans gezien dat we op onze twee handen konden tellen. Als bonus zagen we ook nog een halve meter grote varaan. Het mooiste moment was echter toen we opstonden na een zware nacht in de jungle. Recht voor ons op nog geen vijf meter was Jacky de Oerang Oetan met haar baby’tje. Ze bleef daar wel 50 minuten zitten wat prachtige foto’s en filmpjes opleverden. Pap, dit was echt iets voor jou!

De tempels van Jogjakarta
Na dit onbeschrijfelijke natuurgeweld gingen we per vliegtuig – het openbare vervoer in Indonesië is verre van ontwikkeld – van Medan in Sumatra naar Jogjakarta op Java. Jogjakarta kent twee grote cultureel erfgoeden die op de lijst van Unesco staan. Deze duurbetaalde toeristische trekpleisters zijn Prambanan en Borobodur en zijn eigenlijk niet meer dan twee grote tempelcomplexen die architecturaal zeer mooi zijn en tegelijkertijd weinig omvatten.

Mount Bromo: de vergeten vulkaan
Op weg naar Bali deden we Mt. Bromo aan: een halve berg dat zichzelf vulkaan noemt en die we normaal gezien met zonsopkomst konden aanschouwen. Een halve berg in het pikdonker zoeken is echter alleen voor echte padvinders weggelegd en wij hadden in eerste instantie het gevoel voor niets om 3.30 te zijn opgestaan. Dit is natuurlijk niet zo want die hete bol met lava moet wel opkomen en die halve berg die zich Mount Bromo noemt maakt dit wederkerig natuurlijke verschijnsel er niet minder mooi op.

Bali: het Indonesische Benidorm
We waren klaar voor het echte werk: Bali, door iedereen bestempeld als het meest paradijselijke eiland van Indonesië en onomstreden het toeristische eiland van Indonesië. De thuisblijvers waren ongekend enthousiast over dit eiland waar men zichzelf oud zag worden en backpackers die we hadden ontmoet kwamen superlatieven te kort om dit eiland te beschrijven. Volgens ons is de eerste groep nooit op Bali geweest en zijn er ons inziens betere bestemmingen voor de tweede groep. Begrijp ons niet verkeerd Bali is een mooi, en beter ontwikkelt, eiland maar alleen Lombok of de Gili eilanden zijn al meer paradijselijk. Ik begrijp de Nederlanders en Belgen die op Bali wonen echter wel: soort zoekt immers altijd soort. Voor ons leek Bali daarom ook wel op Benidorm of Tenerife: plekken waar wij graag weg blijven totdat we zelf een bepaalde leeftijd hebben bereikt die ons toelaat daar te rentenieren.

Bali: superkitch & toeristisch
Met ons bezoek aan Bali hadden we echter wel de rust in gezet die tot op heden nog steeds voortduurt. In totaal zijn we net geen twee weken op dit eiland zo klein als België verbleven en hebben toch maar drie plekken aangedaan. De eerste plek was Lovina: onze dorp-off na Mount Bromo en bestond uit slechts drie straten. Wij sliepen langs de hoofdstraat bij een aangestrande Nederlander die een hotel van schelpen liet bouwen. Superkitch en in de verste verte niet onze smaak, maar op een vreemde en onverklaarbare reden trok de plek ons aan alsof we onmiddellijk geadopteerd waren in zijn kleine gemengde familie. Uiteindelijk zijn we onder andere om ons visum te verlengen best lang in het duplex schelpen appartement gebleven. Met uitzending van drie dagen rondtoeren op een gehuurde scooter richting de toeristenstad en waar alles nep is: Ubud. Een must see voor iedereen die van handicrafts houdt of graag met de taxi reist, maar voor ons een regelrechte afknapper.

Gili Meno: een duik in de kristalheldere zee
De laatste dagen voordat we naar het echte paradijselijke eiland van Indonesië vaarde: Gili Meno, verbleven we bij Jos in Sanur in zijn prachtige zelfgebouwde huizen. Wij durven Gili Meno oprecht een paradijselijk eiland te noemen met de witte stranden, de zee bestaande uit verschillende kleuren blauw, de kleine pittoreske eettentjes aan de zee, geen gemotoriseerde voertuigen behalve boten, waar paard en kar het openbaar vervoersysteem is, asfalt een ombestaand woord is, de indonesiers in zelfgemaakte kleine bamboehutjes wonen en de Indonesische service met een glimlach bestaat. Hier voelen we ons onmiddellijk thuis en besluiten om niet te gaan eilandhoppen tussen Gili Air of Gili – partyeiland – Trawangan. Nee. Geef ons het kleine eiland Meno maar waar we elke morgen een pannenkoek (met kokosnoot), een verse ananassap en gemengde fruitsla als ontbijt eten. Het leven op Gili Meno is heerlijk, maar aan alle goede dingen komen een eind. Het is echter een fijn vooruitzicht om op een van de komende negen eilanden de komodo dragon te zien. Opgepast!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *